Profetenverhalen (korte definitie)

Profetenverhalen (Arabisch: قصص الأنبياء, qisas al-anbiyā’) vertellen niet over de profeet Mohammed (over hem zie sira), maar over de vroegere profeten. Moslims beschouwen bepaalde vooraanstaande personen uit de bijbel als profeet, die dat volgens de joodse en christelijke traditie niet waren: Abraham, Mozes, Jezus en andere.
De koran heeft al verhalen over die profeten verteld. In de vroege islam borduurden de zog. Vertellers daarop voort, gebruik makend van het materiaal van hun joodse en christelijke voorgangers, wat in later tijd minder gewaardeerd werd (isrāʾīlīyāt). Een bekende oude verteller van profetenverhalen was *Wahb ibn Munabbih (± 654–728). In latere eeuwen werden de verhalen gebundeld door al-Tha‘labī, al-Kisā’ī e.a.. De bundels vertellen niet alleen over de profeten, maar ook over de schepping en bijv. over de ruimtereis van Bulūqiyā, die in de hemel de profeet zocht.
Vele moslims kunnen deze vaak fantastische verhalen uit religieus oogpunt niet serieus nehmen, maar ze zijn te spannend en te grappig om weg te gooien, zodat ze vaak zijn herdrukt.
Enige proeven: Allochthone wolf. Ontharingspasta. De hel volgens al-Kisāʾī.

Lektuur: Roberto Tottoli, Biblical Prophets in the Qurʾān and Muslim Literature, London/New York (Routledge) 2002. Of als U liever het Itaiaanse origineel leest: I profeti biblici nella tradizione islamica, Brescia 1999.

Diakritische tekens: qiṣaṣ al-anbiyāʾ

Terug naar Inhoud