Hoe sterk was Mohammed?

Er kwam een grappige vraag binnen: ‘Hoe sterk was Mohammed?’ Tja, dat weet natuurlijk niemand; we hebben alleen uiteenlopende verhalen over de profeet. Sommige daarvan idealiseren hem graag en schilderen hem als sterk of atletisch af, terwijl andere hem, in overeenstemming met de koran, als een gewone mens beschrijven. Volgens bepaalde hadithen zou hij nogal corpulent geweest zijn en een eigenaardig loopje gehad hebben.
Grote lichaamskracht vond ik in een verhaaltje over een worstelwedstrijd, die de profeet verrassend won:

  • Mijn vader heeft mij verteld: Rukāna ibn ‘Abd Yazīd, van de stam ʿAbd Manāf, was de sterkste man van Quraysh. Op een dag kwam de profeet hem tegen in een van de rotskloven bij Mekka, alleen.
    ‘Rukāna,’ zei hij, ‘waarom vrees je God niet en geef je geen gehoor aan mijn oproep?’
    ‘Als ik wist dat het waar is wat je zegt zou ik je volgen.’
    ‘Als ik jou op de grond gooi, weet je dan dat het waar is?’
    ‘Kom maar op,’ zei hij, en ze begonnen te worstelen. De profeet kreeg hem in een houdgreep en legde hem neer, zonder dat hij iets kon uitrichten.
    ‘Doe dat nog eens, Mohammed,’ zei hij, en deze gooide hem nog eens op de grond.
    ‘Dat is vreemd,’ zei hij, ‘krijg jij mij echt op de grond?’
    ‘Ik kan je nog iets vreemders laten zien als je wilt; als jij dan God zult vrezen en mij zult volgen.’
    ‘Wat dan?’
    ‘Als ik deze boom hier roep komt hij naar mij toe.’
    ‘O ja? Doe het dan eens!’
    De profeet riep de boom en deze kwam naar voren tot hij vlak voor hem stond. Toen zei hij: ‘Ga terug naar je plaats!’ en dat deed de boom.
    Rukāna ging naar zijn stamgenoten en zei: ‘Met die kerel kun je de hele wereld betoveren; ik heb nog nooit iemand gezien met sterkere toverkracht dan hij,’ en toen vertelde hij wat hij had meegemaakt.

Maar het bovenstaande is natuurlijk een wonderverhaal. Onder normale omstandigheden had de profeet niet van Rukāna kunnen winnen; dat lukte alleen doordat God hem hielp. En die hele wedstrijd diende een hoger doel: de bekering van Rukāna. Dus over de eigen lichaamskracht van de profeet vernemen we ook hier niet veel. De enig mogelijke conclusie is: volgens deze verteller was hij duidelijk minder sterk dan de sterkste man van zijn stam. Als hij op eigen kracht van hem had kunnen winnen was het geen wonder geweest en had deze vertelling niet bestaan.

Ibn Isḥāq: Das Leben Muhammed’s nach Muhammed Ibn Ishâk bearbeitet von Abd el-Malik Ibn Hischâm, uitg. F. Wüstenfeld, Göttingen 1858–60, 258; Ibn Ishaak, Het leven van Mohammed, vert. Wim Raven, Amsterdam 2000, 75–76.

‫{‬أمر ركانة المطلبي ومصارعته للنبي ص‫}
‬


قال ابن إسحاق : وحدثني أبي إسحاق بن يسار ، قال: كان ركانة بن عبد يزيد بن هاشم بن عبد المطلب بن عبد مناف أشد قريش، فخلا يوما برسول الله ص في بعض شعاب مكة، فقال له رسول الله ص: يا ركانة، ألا تتقي الله وتقبل ما أدعوك إليه ؟ قال: إني لو أعلم أن الذي تقول حق لاتبعتك، فقال (له) رسول الله ص: أفرأيت إن صرعتك، أتعلم أن ما أقول حق ؟ قال : نعم ؛ قال : فقم حتي أصارعك. قال: فقام إليه ركانة يصارعه، فلما بطش به رسول الله ص أضجعه، وهو لا يملك من نفسه شيئا، ثم قال: عد يا محمد ، فعاد فصرعه، فقال – يا محمد. والله إن هذا للعجب، أتصرعني فقال رسول الله ص: وأعجب من ذلك إن شئت أن أريكه، إن اتقيت الله واتبعت أمري ، قال: ما هو ؟ قال : أدعو لك هذه الشجرة التي ترى فتأتيني، قال: ادعها ، فدعاها، فأقبلت حتى وقفت بين يدي رسول الله ص. قال: فقال لها: ارجعي إلى مكانك. قال: فرجعت إلى مكانها قال: فذهب ركانة إلى قومه فقال: يا بني عبد مناف، ساحروا بصاحبكم أهل الأرض، فوالله ما رأيت أسحر منه قط، ثم أخبرهم بالذي رأى والذي صنع.

Terug naar Inhoud