Oudste Arabische roman?

(Doelgroep: mensen die geïnteresseerd zijn in Arabische literatuur uit de negentiende eeuw)

Ooit had de uitgeverij Brill een oriëntalistische boekhandel in Leiden, waar je in de kelder koopjes kon halen vanaf één gulden. Daar heb ik eens, inderdaad voor een gulden het stuk, twee Arabische boekjes gekocht van Nakhla Sālih, ‘voorheen vertaler bij de Egyptische Spoorwegen’ (gest. 1899), kennelijk een christen.1 Het ene was een reisgids door Syrië en Palestina, het andere een roman, getiteld Qissat Fu’ād wa-Rifqa mahbūbatihi (Het verhaal van Fu’ād en zijn geliefde Rifqa), gedrukt in Cairo bij al-Maṭba‘a al-‘Āmirīya in 1289 [dat is 1872 in onze jaartelling].
Mocht U ooit Arabische literaire werken in een originele negentiende-eeuwse druk ontdekken, koop ze en wees er zuinig op, of zorg dat ze een goed tehuis krijgen. Ze zijn zeldzaam.

Fu’ād en Rifqa is allebehalve een literair meesterwerk, maar het verdient enige aandacht in het kader van de literatuurgeschiedenis, omdat het de oudste nog bewaarde Arabische roman is uit Egypte.2 Of liever gezegd romannetje: het heeft maar 48 bladzijden. Het exemplaar heb ik aan de UB in Leiden geschonken, waar het de signatuur 8241 F 30 heeft gekregen. Een pdf van de tekst plaats ik hier, een foto van het omslag met de titelpagina hier.

‘Zoals ook Manon bekend is in Eypte’; bedoeld is Abbé Prevost, Histoire du Chevalier Des Grieux et de Manon Lescaut (1731), een beroemde roman uit Frankrijk, die ook in de negentiende eeuw zeer populair was. Maar Ṣāliḥ kan ook een verkorte, Reader’s Digest-achtige versie daarvan ter beschikking gehad hebben, zoals die verschenen in dunne boekjes voor in de stationskiosk.

NOTEN
1. C. Brockelmann, GAL ii, 491, S ii, 749; iii, 378.
2. J. Brugman, An Introduction to the History of Modern Arabic Literature in Egypt, Leiden 1984, 207 (spelt ten onrechte Nakhīla).

Diakritische tekens: Ṣāliḥ, Qiṣṣat Fuʾād wa-Rifqa maḥbūbatihi

Terug naar Inhoud